Echografie is minder belastende methode om ‘goed’ en ‘fout’buikvet te meten
is belangrijk om de risico’s op suikerziekte en hart- en vaatziekten te bepalen. In het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) is hiertoe een nieuwe, echografische methode ontwikkeld en gevalideerd. Deze methode is goedkoper en minder belastend dan de CT- en MRI-scan, die vaak voor dit doel kunnen worden gebruikt. Onderzoekster Emanuella de Lucia Rolfe heeft aangetoond dat de echografische buikvetmeting zowel bij baby’s, kinderen als volwassenen goede resultaten geeft. De Lucia Rolfe promoveert op 30 januari aan de Rijksuniversiteit Groningen op de resultaten van haar onderzoek.
Risicofactor
Overgewicht is een bekende risicofactor voor het ontwikkelen van suikerziekte en hart- en vaatziekten, maar de plek waar het zich bevindt is minstens zo belangrijk. Onderhuids vet heeft een gering effect op het ontstaan van aderverkalking, een grotere hoeveelheid visceraal vet hangt samen met hogere risico’s op hart- en vaatziekten. Dit geldt ook voor diabetes2, ouderdomssuikerziekte. Om de effecten van preventieve maatregelen tegen hart- en vaatziekten nauwkeurig te kunnen bepalen, is het dus van groot belang om goed onderscheid tussen onderhuids en visceraal vet te kunnen maken.
Betrouwbare methode
Het maken van een echografie is eenvoudiger, minder belastend en goedkoper, dan het maken van scans met CT of MRI. Deze laatste methoden zijn vaak niet toepasbaar in grootschalige medische studies en in onderzoek bij kinderen vanwege ethische en praktische bezwaren. Met behulp van de echografische methode kan goed worden gemeten hoeveel onderhuids buikvet er zit tussen de huid en het buikvlies, en hoeveel visceraal vet zich tussen het buikvlies en de wervelkolom bevindt. De Lucia Rolfe concludeert dan ook dat de echografie een geschikte en betrouwbare methode is om beide soorten buitvet te kwantificeren.
Jonge kinderen
Vooral bij hele jonge kinderen is onderzoek naar de verdeling van buikvet gewenst om het ontstaan van overgewicht en de effecten van preventieve maatregelen te kunnen bepalen. De Lucia Rolfe deed onderzoek naar relaties tussen het geboortegewicht, de hoeveelheid onderhuids en visceraal vet, de snelheid van gewichtstoename na de geboorte, en borstvoeding. Zij stelde vast dat een snelle toename van het gewicht in de eerste levensmaanden leidde tot een toename van visceraal buikvet. Een positief effect van borstvoeding was dat kinderen tussen 3 en 12 maanden minder visceraal buikvet ontwikkelden, dan de kinderen die flesvoeding kregen.
laatste nieuws
laatste forumberichten
SEO by AceSEF

